Citaat | Rechtbank Amsterdam 2 februari 2017

Onder 8.19. Rechtbank Amsterdam 2 februari 2017

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 2 februari 2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:646.

Het enkele feit dat bepaalde schuldeisers van PTIF bij de bewindvoerder erop aandringen omzetting van de (voorlopige) surseance in een faillissement te verzoeken, is voor de rechtbank onvoldoende om hiertoe over te gaan. Niet gesteld is immers dat alle of zelfs maar de meerderheid van de schuldeisers hiertoe (op goede gronden) aandringen. Ter zitting is in ieder geval gebleken dat er ook schuldeisers zijn die niet achter dit verzoek staan en die menen dat zij in voldoende mate in de gelegenheid worden gesteld om mee te onderhandelen over een akkoord en dat ook doen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/163941a7b7f8873f6b8f43d8a590e03ab67ccdfa70c5d3a44df2a07ea51933b7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 163941a7b7f8873f6b8f43d8a590e03ab67ccdfa70c5d3a44df2a07ea51933b7, en de alinea staat in dat document op bytes 54716 tot 55301.