Citaat | Rechtbank Amsterdam 18 april 2018

Onder 4.6. Rechtbank Amsterdam 18 april 2018

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 18 april 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:2476.

Ten overvloede wordt overwogen dat Trafigura niet wordt gevolgd waar zij stelt dat met het arrest van het Cour Suprême in verenigde vergadering van Ivoorkust van 23 juli 2014 (hierna: het 2014-arrest) is vastgesteld dat de slachtoffers Trafigura c.s. op grond van het Protocole d’Accord niet meer aansprakelijk kunnen stellen en geen schadevergoeding meer van haar kunnen vorderen. De rechtbank in eerste aanleg van Abidjan heeft in haar vonnissen van 14 juli 2016 (zie hiervoor onder 2.27) de vorderingen van Trafigura immers ongegrond verklaard wegens het ontbreken van een oorzakelijk verband, omdat de slachtoffers geen bewijs hadden geleverd van enige schade. Als in het 2014-arrest, zoals Trafigura stelt, was geoordeeld dat het Protocole d’Accord bindend is voor de slachtoffers en dat de slachtoffers Trafigura c.s. niet meer aansprakelijk kunnen stellen en geen schadevergoeding meer van haar kunnen vorderen, had de rechtbank in Abidjan, naar mag worden aangenomen, de vorderingen van de slachtoffers op die grond afgewezen. Dit arrest is reeds daarom niet van belang voor de beslissing over de bevoegdheid van de Nederlandse rechter.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fbfb985b5b4cff03112dafdd6df8e1b6865ca7d9261cee49115e4f3b7208b72c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fbfb985b5b4cff03112dafdd6df8e1b6865ca7d9261cee49115e4f3b7208b72c, en de alinea staat in dat document op bytes 77162 tot 78324.