Citaat | Rechtbank Amsterdam 9 mei 2018
Onder 3.2. Rechtbank Amsterdam 9 mei 2018
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 9 mei 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:3203.
MTB legt aan haar vorderingen kort gezegd ten grondslag dat uit de HCC-beschikking blijkt dat AB misbruik heeft gemaakt van haar economische machtspositie op de Griekse biermarkt. Uit de HCC-beschikking volgt dat de gedragingen van AB in de periode september 1998 tot en met september 2014, gericht op het uitsluiten van concurrenten van de Griekse biermarkt, als één enkele voortdurende inbreuk op artikel 102 VWEU en artikel 2 GCA kwalificeren. Volgens MTB vormen Heineken en AB één onderneming in de zin van artikel 102 VWEU (vanwege de beslissende invloed die Heineken op AB uitoefent), zodat ook Heineken in strijd heeft gehandeld met het verbod op misbruik van economische machtspositie ex artikel 102 VWEU (tot 1 december 2009 artikel 82 EG-Verdrag) en artikel 2 GCA. Het gedrag van AB (zoals vastgesteld in de HCC-beschikking) moet op grond van artikel 102 VWEU worden toegerekend aan haar moedervennootschap Heineken. Zowel Heineken als AB hebben op grond van Europees dan wel het Griekse nationale recht onrechtmatig gehandeld en zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de schade die MTB ten gevolge van de schending van het mededingingsrecht heeft geleden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dd8f55f20d1e876870f6bac09febc82a9fdf654fea644427ae74ffda3d7343f9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dd8f55f20d1e876870f6bac09febc82a9fdf654fea644427ae74ffda3d7343f9, en de alinea staat in dat document op bytes 17806 tot 18988.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dd8f55f20d1e876870f6bac09febc82a9fdf654fea644427ae74ffda3d7343f9 | shasum -a 256