Citaat | Rechtbank Amsterdam 31 januari 2018

Onder 4.2. Rechtbank Amsterdam 31 januari 2018

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 31 januari 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:504.

Een renteswap is dus een zelfstandig contract en als zodanig ook voor overdracht vatbaar. Daaraan ontleent de renteswap een eigen marktwaarde, die gedurende de looptijd van de renteswap zowel positief als negatief kan zijn. Indien de variabele rente daalt tot onder het niveau van de vaste rente die betaald wordt onder de renteswap, ontstaat een negatieve marktwaarde. Indien de negatieve marktwaarde van de renteswap een vooraf overeengekomen limiet overschrijdt, is de bank vaak bevoegd maatregelen te treffen zoals het vragen van extra zekerheden door de klant. Bij tussentijdse beëindiging van de renteswap – waarvoor bijvoorbeeld aanleiding kan zijn bij beëindiging van het krediet, bijvoorbeeld wegens bedrijfsbeëindiging – moet de actuele marktwaarde van de renteswap worden verrekend: bij een negatieve marktwaarde dient de klant deze waarde aan de bank te vergoeden. Bij een positieve marktwaarde ontvangt de klant deze waarde van de bank. Bij afloop van de renteswap, dus aan het einde van de vooraf afgesproken looptijd, is de marktwaarde van een renteswap altijd 0. Dit betekent dat voor renteswaps geen positieve of negatieve marktwaarde wordt afgerekend als deze gedurende de looptijd gewoon doorlopen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/25e116f304fb0bf91faac34c22a653b1c092d994783718631077bd1b1b069958. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 25e116f304fb0bf91faac34c22a653b1c092d994783718631077bd1b1b069958, en de alinea staat in dat document op bytes 35166 tot 36406.