Citaat | Rechtbank Amsterdam 31 januari 2018

Onder 4.8. Rechtbank Amsterdam 31 januari 2018

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 31 januari 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:504.

Nog los van dit formele punt, overweegt de rechtbank als volgt. Een vergelijkbare zaak als deze heeft gediend voor de rechtbank Oost-Brabant. Ook in die zaak was sprake van een rechtspersoon die opkwam voor belangen van een groot aantal MKB-ers die stelden gedupeerd te zijn door het handelen van een bank op het gebied van afgesloten rentederivaten. Zoals de rechtbank Oost-Brabant overwoog in haar vonnis van 29 juni 2016 (ECLI:NL:RBOBR:2016:3383, r.o. 5.28 e.v.), is het handelen van verschillende lokale banken gedurende alle jaren in alle afgesloten rentederivaten niet voldoende eenvormig geweest om dit handelen in algemene zin te kunnen beschrijven en beoordelen. Ook kan dat handelen alleen worden beoordeeld binnen de context waarbinnen dat handelen heeft plaatsgevonden. Tot die context hoort ook de persoon van de klant. De rechtbank Oost-Brabant overwoog:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/25e116f304fb0bf91faac34c22a653b1c092d994783718631077bd1b1b069958. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 25e116f304fb0bf91faac34c22a653b1c092d994783718631077bd1b1b069958, en de alinea staat in dat document op bytes 42403 tot 43284.