Citaat | Rechtbank Amsterdam 19 september 2018
Onder 2.3. Rechtbank Amsterdam 19 september 2018
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 19 september 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:6686.
[eiser] ziet geen noodzaak tot het stellen van prejudiciële vragen. In zijn visie dient de rechtbank zich te richten naar de door het gerechtshof Amsterdam uitgezette lijn. Volgens [eiser] is de beantwoording van de voorgestelde vragen niet “nodig” om op zijn vordering te beslissen en leidt het stellen van prejudiciële vragen tot extra kosten voor [eiser] en vertraging van de procedure.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f33bf382d57ada285944230312489cc3a5d3658efe569da9dbcda4b39fbe21ad. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f33bf382d57ada285944230312489cc3a5d3658efe569da9dbcda4b39fbe21ad, en de alinea staat in dat document op bytes 8161 tot 8580.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f33bf382d57ada285944230312489cc3a5d3658efe569da9dbcda4b39fbe21ad | shasum -a 256