Citaat | Rechtbank Amsterdam 7 november 2018
Onder 5.2.2. Rechtbank Amsterdam 7 november 2018
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 7 november 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:7929.
In de verstekzaak zijn destijds zijdens [eiser] betekeningsstukken overgelegd op verzoek van de rolgriffier. Uit die stukken blijkt het volgende. [eiser] heeft op 1 november 2016 aan het openbaar ministerie exploot gedaan van het proces-verbaal van inbeslagneming (d.d. 31 oktober 2016) op de wijze die is voorgeschreven in artikel 55 lid 1 Rv en artikel 7 Uitvoeringswet Haags Betekeningsverdrag, waarmee [eiser] tijdig gehandeld heeft. De in [woonplaats] aanwezige Central Authority in de zin van het Haags Betekeningsverdrag heeft vervolgens op verzoek van het openbaar ministerie gehandeld conform artikel 5 van het Haags Betekeningsverdrag, waarin voor zover hier van belang staat (in de Nederlandse vertaling):
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/41928bce989472515dbb3af615c557d284991dc914cc9be2ba06917691167ffa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 41928bce989472515dbb3af615c557d284991dc914cc9be2ba06917691167ffa, en de alinea staat in dat document op bytes 42741 tot 43505.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/41928bce989472515dbb3af615c557d284991dc914cc9be2ba06917691167ffa | shasum -a 256