Citaat | Rechtbank Amsterdam 14 februari 2018
Onder 4.99. Rechtbank Amsterdam 14 februari 2018
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 14 februari 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:796.
4.117. Reeds op 30 juli 1996 (dat wil nog zeggen vóórdat [gedaagde 2] aan [naam broers] had gemeld dat Marsannay voor hem als “blijvend houdster” was gereserveerd) heeft Marsannay een optieovereenkomst gesloten met de Belgische vennootschap N.V. Renting Car (hierna: Renting Car) ter zake de aankoop van onroerende zaken. Uit die overeenkomst blijkt dat Marsannay een optie heeft op de koop van bepaalde registergoederen en dat zij op haar beurt die optie doorverkoopt aan Renting Car tegen betaling van ƒ 10.000.000,00 (in de overeenkomst aangeduid als de uitoefenprijs). Marsannay heeft de optie verkregen van [naam broer 1] , zoals blijkt uit een bij [naam broer 1] aangetroffen memo dat, voor zover van belang, inhoudt:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/07e0607ee4d41cbce5d8e532ed2ec102c523033a0bd843bd83f4508c362d465a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 07e0607ee4d41cbce5d8e532ed2ec102c523033a0bd843bd83f4508c362d465a, en de alinea staat in dat document op bytes 166362 tot 167105.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/07e0607ee4d41cbce5d8e532ed2ec102c523033a0bd843bd83f4508c362d465a | shasum -a 256