Citaat | Rechtbank Amsterdam 21 februari 2019

Onder 5.5. Rechtbank Amsterdam 21 februari 2019

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 21 februari 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:1283.

Aan het vorenstaande doet evenmin af dat [naam 1] aan [eiser in conventie, verweerder in reconventie] voorafgaand aan ondertekening van de koopovereenkomst heeft gezegd dat het ging om een transactie met een speculatief karakter, dat de bestemming van de grond nu landbouw was en dat die hopelijk kon worden omgezet naar woningbouw, maar dat ADM Vastgoed niets kon garanderen. Aan het gewicht van deze mededelingen wordt immers al aanstonds afbreuk gedaan door de in de verkoopbrochure gedane aanprijzingen en de misleidende suggestie van soliditeit van de propositie door vermelding van de eerdere betrokkenheid van BAM. Mede in dit licht zijn zij te globaal om te kunnen worden aangemerkt als voldoende concrete waarschuwingen voor de specifieke en aanzienlijke risico’s die [eiser in conventie, verweerder in reconventie] liep door de koopovereenkomst te ondertekenen, over welke risico’s ADM Vastgoed veel nauwkeuriger was geïnformeerd dan zij aan [eiser in conventie, verweerder in reconventie] meedeelde.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5e1bb4bc71e2eb31898ff39c39c1661fbae2b5580217db8969f48ea36c57c9f7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5e1bb4bc71e2eb31898ff39c39c1661fbae2b5580217db8969f48ea36c57c9f7, en de alinea staat in dat document op bytes 29366 tot 30395.