Citaat | Rechtbank Amsterdam 8 januari 2019

Onder 3 Rechtbank Amsterdam 8 januari 2019

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 8 januari 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:150.

3.2.1. Hoewel er sprake is van een gefixeerd boetestelsel, kan de boete worden gematigd op grond van artikel 5:46, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), als aannemelijk wordt gemaakt dat het boetebedrag wegens bijzondere omstandigheden te hoog is. Volgens vaste rechtspraak van de hoger beroepsrechter kunnen een verminderde verwijtbaarheid, een beperkte ernst van een overtreding en een geringe financiële draagkracht worden aangemerkt als zulke bijzondere omstandigheden. Dit sluit aan bij artikel 6 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM). De bestuurlijke boete die aan eiser is opgelegd is een punitieve sanctie. Omdat er sprake is van een “criminal charge” brengt artikel 6 van het EVRM met zich mee dat de rechter moet toetsen of de hoogte van de opgelegde boete in redelijke verhouding staat tot de ernst en de verwijtbaarheid van de overtreding.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/55fa8fa0c1c0d244e58f853780d190d6fef77edf9c30f44eecc751b380a6e86c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 55fa8fa0c1c0d244e58f853780d190d6fef77edf9c30f44eecc751b380a6e86c, en de alinea staat in dat document op bytes 13240 tot 14245.