Citaat | Rechtbank Amsterdam 1 mei 2019
Onder 3.24. Rechtbank Amsterdam 1 mei 2019
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 1 mei 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:3393.
De rechtbank komt concluderend tot het oordeel dat de ongeoorloofde mededingingsafspraken de concurrentieverhoudingen in zeer veel staten hebben beïnvloed, waaronder ook in Nederland, zodat de conflictregel van artikel 4 WCOD geen uniforme oplossing biedt en bij gebreke van een regel van voorrang een praktische oplossing moet worden gezocht, zoals ook de wetgever bij de invoering van artikel 4 WCOD voor ogen heeft gestaan. De rechtbank neemt verder in aanmerking dat ook bij de keuze van de wetgever voor de conflictenrechtelijke hoofdregel van artikel 3 WCOD het belang van de compensatoire functie van de verbintenis uit onrechtmatige daad, het belang van de schadeafwikkeling, zwaar heeft gewogen (TK 1998/1999, 26608, nr. 3, pagina 6).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cb51cb2ed17d26718ec29a67a98622152bfed0913a8eb8978c97b6b4e881bdc9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cb51cb2ed17d26718ec29a67a98622152bfed0913a8eb8978c97b6b4e881bdc9, en de alinea staat in dat document op bytes 45954 tot 46712.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cb51cb2ed17d26718ec29a67a98622152bfed0913a8eb8978c97b6b4e881bdc9 | shasum -a 256