Citaat | Rechtbank Amsterdam 1 juli 2019

Alinea 75 Rechtbank Amsterdam 1 juli 2019

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 1 juli 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:4546.

23. Nu sprake is van arbeidsbemiddeling in de zin van artikel 1 lid 1 sub b Waadi is daarop artikel 3 lid 1 Waadi van toepassing. Daarin staat dat bij het verrichten van arbeidsbemiddeling geen tegenprestatie van de werkzoekende mag worden bedongen, het zogenaamde betaalverbod. Voor haar werkzaamheden rekent Helpling respectievelijk 23% (bij voortdurende “opdrachten”) en 32% (bij eenmalige “opdrachten”) commissie. Op het door de schoonmaker te ontvangen uurloon worden deze percentages vóór doorbetaling van het van de kant van de klant ontvangen bedrag ingehouden. Helpling brengt deze kosten derhalve in rekening bij de werkzoekende, de schoonmaker. Dat blijkt ook uit het feit dat Helpling ermee adverteert dat het inschakelen van een schoonmaker middels haar platform voor de klant kosteloos is. Deze handelwijze is derhalve in strijd met artikel 3 lid 1 Waadi. De verklaring voor recht dat Helpling in strijd handelt met artikel 3 lid 1 Waadi zal daarom worden gegeven. Helpling zal haar werkwijze dan ook moeten aanpassen en zich moeten conformeren aan de Waadi, zodat ook het gebod om te stoppen met het vragen van een tegenprestatie voor haar bemiddelingsactiviteiten (de kantonrechter begrijpt: het vragen van een tegenprestatie van de werkzoekende, de schoonmaker) zal worden toegewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b2fd8be42841364dccdf9d732abec306707cc916e679bd726f94031f9685524d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b2fd8be42841364dccdf9d732abec306707cc916e679bd726f94031f9685524d, en de alinea staat in dat document op bytes 38964 tot 40289.