Citaat | Rechtbank Amsterdam 1 juli 2019

Alinea 76 Rechtbank Amsterdam 1 juli 2019

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 1 juli 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:4546.

24. Met voornoemde schending hangt samen de vordering tot terugbetaling van hetgeen door [eiseres] aan Helpling is betaald – oftewel het door Helpling als commissie op het loon ingehouden bedrag. Hoewel vast is komen te staan dat de van de werkzoekende bedongen tegenprestatie in strijd is met artikel 3 lid 1 Waadi, zal de vordering tot terugbetaling van de bedongen tegenprestatie worden afgewezen. Gezien het feit dat sprake is van een nieuw fenomeen waarvan niet eerder in rechte is uitgemaakt dat Helpling of een vergelijkbaar platform als arbeidsbemiddelaar wordt of kan worden gezien, wordt geoordeeld dat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is dat Helpling de bedongen vergoeding zou moeten terug betalen. Dit zou tot gevolg hebben dat Helpling feitelijk geen enkele vergoeding ontvangt voor de door haar verleende diensten hetgeen, gezien de veelheid aan mogelijkheden en het gemak dat het platform van Helpling voor de betrokkenen biedt, bezwaarlijk van haar gevergd kan worden. Helpling zal haar werkwijze, systeem en informatievoorziening evenwel moeten gaan aanpassen, hetgeen ook met zich brengt dat een dergelijke vergoeding in het vervolg bij de klant in rekening zal moeten worden gebracht in plaats van bij de schoonmaker.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b2fd8be42841364dccdf9d732abec306707cc916e679bd726f94031f9685524d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b2fd8be42841364dccdf9d732abec306707cc916e679bd726f94031f9685524d, en de alinea staat in dat document op bytes 40309 tot 41598.