Citaat | Rechtbank Amsterdam 11 juli 2019

Onder 8.2 Rechtbank Amsterdam 11 juli 2019

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 11 juli 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:4952.

In het geval van [medeverdachte 5] ziet de rechtbank geen aanleiding van dat uitgangspunt af te wijken. [medeverdachte 5] is oud-politieman en had vergunningen voor beveiligings- en recherchewerk. Hij had daarom beter moeten en kunnen weten; er zijn geen strafverminderende omstandigheden. Dat [medeverdachte 5] “gewoon” betaald werd voor observatiewerk, en niet een bijzondere beloning kreeg omdat hij het sein voor de ontvoering gaf, maakt zijn rol niet minder kwalijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd571a4d4876b67a5ec5a98d7f4e98991a7090467dbbef06521b5f51057d7dcd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd571a4d4876b67a5ec5a98d7f4e98991a7090467dbbef06521b5f51057d7dcd, en de alinea staat in dat document op bytes 88178 tot 88667.