Citaat | Rechtbank Amsterdam 11 juli 2019
Onder 9.3 Rechtbank Amsterdam 11 juli 2019
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 11 juli 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:4952.
Oordeel rechtbank De bewezenverklaarde feiten hebben een ernstige inbreuk gemaakt op het recht van [naam tante] op zowel eerbiediging van het familie- en gezinsleven als eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer. Daarmee staat vast dat zij in haar persoon is aangetast en recht heeft op vergoeding van door haar hierdoor geleden immateriële schade. [naam tante] woonde in hetzelfde huis als haar ontvoerde nichtje. Zij was aanwezig tijdens de ontvoering. Op grond van artikel 6:106 lid 1 BW heeft een benadeelde partij recht op een naar billijkheid vast te stellen vergoeding van de immateriële schade. Immateriële schade wordt ingevolge artikel 6:106 BW begroot naar billijkheid. Op grond van de door [naam tante] gestelde omstandigheden en rekening houdend met de vergoedingen die in soortgelijke zaken worden toegekend, begroot de rechtbank de immateriële-schadevergoeding naar billijkheid op € 1.500,-.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd571a4d4876b67a5ec5a98d7f4e98991a7090467dbbef06521b5f51057d7dcd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd571a4d4876b67a5ec5a98d7f4e98991a7090467dbbef06521b5f51057d7dcd, en de alinea staat in dat document op bytes 105329 tot 106332.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fd571a4d4876b67a5ec5a98d7f4e98991a7090467dbbef06521b5f51057d7dcd | shasum -a 256