Citaat | Rechtbank Amsterdam 19 september 2019

Onder 5.32. Rechtbank Amsterdam 19 september 2019

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 19 september 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:7062.

Ad (ii) Het onder alle omstandigheden geldende verbod tot opschorting van de verplichting tot huurbetaling is in beginsel een oneerlijk beding. Ook als op dit beding geen beroep wordt gedaan, is dus in beginsel elk ander beding met een sanctiekarakter dat aan te late betaling is verbonden, een oneerlijk beding vanwege het cumulatieprincipe. De oneerlijkheid en dus vernietigbaarheid van deze bijkomende bedingen laat de geldigheid van de door die bedingen gesanctioneerde regel dat de huur uiterlijk op de laatste dag van de voorafgaande maand moet worden betaald, onverlet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e09dec28e30c2f5bd59900e61e4a4e5109b67c21f544c86b197baba0892fb770. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e09dec28e30c2f5bd59900e61e4a4e5109b67c21f544c86b197baba0892fb770, en de alinea staat in dat document op bytes 62299 tot 62939.