Citaat | Rechtbank Amsterdam 19 september 2019

Onder 2.7. Rechtbank Amsterdam 19 september 2019

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 19 september 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:7062.

“Mevrouw [gedaagde sub 1] verteld; Ik ben 3 weken terug gekomen uit Suriname, mijn moeder is overleden. (…) Mijn dochter woont bij mij. (…) 2 weken voordat ik uw woning kreeg ben ik vertrokken voor 7 weken naar Suriname. Ik heb een tuinhuis, waar ik veel verblijf. Ik heb psychische problemen, hart problemen etc. Tuinhuis zit op de [adres tuinhuis] . Hier zit ik 7 maanden per jaar, [tijdvak 1] 2019. (…) Mijn relatie met mijn dochter [gedaagde sub 2] is niet goed. Ze moest uit haar tijdelijke woning en stond dus op straat met haar kind. Ik heb toen gezegd dat ik voor ik naar Suriname ga een woning regelen zodat je een dak boven je hoofd hebt. Ik had zelf ook een woning nodig, dus ik heb gereageerd met mijn 31 jaar wachttijd op de woning van Eigen Haard. Mijn dochter is de woning in gegaan en ik ben voor een 2 maanden vertrokken naar Suriname. Ik ga vaker heen en weer naar Suriname. (…) Ik heb een vriend in [plaats 2] . (…) Hij slaapt nu in mijn tuinhuis. Ik kom niet zovaak in zijn woning in [plaats 2] , (…) Het tuinhuis heb ik al 18 jaar. [naam 2] vraagt; waar verblijft u in de periode tussen [tijdvak 2] als u niet op uw tuinhuis bent? Mw [gedaagde sub 1] ; dan ben ik op de [adres] of ergens anders. [naam 2] ; hoe lang verblijft u dan op de [adres] ? Mw [gedaagde sub 1] ; ik verblijf gemiddeld 2 dagen per week op de [adres] en dan slaap ik er alleen. Ik eet niet samen met mijn dochter. Ik heb de laatste 2 jaar ook in de wintermaanden in mijn tuinhuis gezeten. (…) Ik kan ook naar mijn zus, of andere dochters. Ik kan overal heen. (…) mw [gedaagde sub 1] ; ik doe overal mijn boodschappen, net waar ik ben. (…) [naam 1] ; betaalt uw dochter de huur. mw [gedaagde sub 1] ; mijn dochter betaalt ongeveer 600 euro per maand. (…) Nu haar dochter veel gebruik maakt van de woning moet ze betalen. Ik heb haar niet laten inschrijven bij de Gemeente, want anders kost mij dat mijn huurtoeslag. (…) Mijn dochter en kleinkind staan ingeschreven op het adres [inschrijfadres] (…) Ik heb mijn woning nodig voor inschrijving en een plek waar ik op terug kan vallen. [naam 2] ; hoe lang en wanneer heeft de winterwoning gehad. Mw [gedaagde sub 1] de eerste 2 winters vanaf tekenen huurcontract. [naam 2] ; dus u huurt vanaf april 2017 en de eerste 2 winters kon u verblijven in uw tuinhuis, omdat u een winterwoning had ivm vervangen dak. Mw [gedaagde sub 1] ; ja klopt. Ik heb het huurcontract getekend en daarna vertrokken naar Suriname. Na 2 maanden terug en mijn tuinhuis ingetrokken. De eerste 2 winters had ik een winterwoning. (…) [naam 2] ; samenvattend. U tekende het huurcontract. Bent voor 2 maande vertrokken naar Suriname. Bij terugkomst zat u in uw tuinhuis en uw dochter in uw woning. U kon de eerste 2 winters in tuinhuis verblijven, dus winter 2017/2018 en winter 2018/2018. Eigen 2 volledige jaren in uw tuinhuis. Mw [gedaagde sub 1] ; ja dat klopt maar ik zat niet continu in mijn tuinhuis, zoals ik heb verteld zat ik ook gemiddeld 2 dagen per week op de [adres] bij mijn dochter, maar dan slaap ik alleen daar. (…)”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e09dec28e30c2f5bd59900e61e4a4e5109b67c21f544c86b197baba0892fb770. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e09dec28e30c2f5bd59900e61e4a4e5109b67c21f544c86b197baba0892fb770, en de alinea staat in dat document op bytes 20061 tot 23279.