Citaat | Rechtbank Amsterdam 19 september 2019
Onder 5.4. Rechtbank Amsterdam 19 september 2019
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 19 september 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:7062.
Gelet op (i) hetgeen [gedaagde sub 1] heeft verklaard tijdens het gesprek met Eigen Haard op 1 juli 2019 (zie 2.7) en op (ii) hetgeen [gedaagde sub 2] heeft verklaard tijdens de gesprekken op 19 juni 2019 en 23 juli 2019 (zie 2.5 en 2.10), welke verklaringen ter zitting niet door [gedaagde sub 1] en door [gedaagde sub 2] zijn betwist, in samenhang bezien met (iii) de stempels in het paspoort van [gedaagde sub 1] waaraan in elk geval een aanwijzing valt te ontlenen voor een jaarlijks relatief langdurig verblijf in Suriname (zie 2.8), en met (iv) de verklaring van de voorzitter van volkstuinpark [naam park] (zie 2.13), is voorshands voldoende aannemelijk dat [gedaagde sub 1] sinds het aangaan van de huurovereenkomst niet haar hoofdverblijf heeft gehad in de woning. Daarmee heeft zij in strijd gehandeld met artikel 7 lid 4 AVSW.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e09dec28e30c2f5bd59900e61e4a4e5109b67c21f544c86b197baba0892fb770. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e09dec28e30c2f5bd59900e61e4a4e5109b67c21f544c86b197baba0892fb770, en de alinea staat in dat document op bytes 35494 tot 36345.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e09dec28e30c2f5bd59900e61e4a4e5109b67c21f544c86b197baba0892fb770 | shasum -a 256