Citaat | Rechtbank Amsterdam 19 september 2019

Onder 5.7. Rechtbank Amsterdam 19 september 2019

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 19 september 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:7062.

Derhalve wordt toegekomen aan de beoordeling van de voorwaardelijke eis in reconventie. [gedaagde sub 2] komt in beginsel een beroep toe op bescherming als onderhuurder in geval van beëindiging van de huur, zoals geregeld in artikel 7:269 lid 1 BW, nu het een zelfstandige woning betreft en voldoende aannemelijk is dat zij daarin haar hoofdverblijf heeft. Zij heeft de door haar gewenste voortzetting van de huur op de voet van artikel 7:270a BW meegedeeld aan Eigen Haard (zie 2.12). Ingevolge artikel 7:269 lid 2, onder a tot en met d, BW kan de verhuurder echter binnen zes maanden nadat zij op grond van lid 1 de onderhuur heeft voortgezet, vorderen dat de rechter zal bepalen dat de huur met ingang van een in het vonnis te bepalen tijdstip zal eindigen. [gedaagde sub 2] heeft aangevoerd dat een beroep door Eigen Haard op de gronden onder a en b van dat artikel niet zal opgaan, nu zij voldoende financiële waarborg biedt voor een behoorlijke nakoming van de huur en de onderhuur niet is aangegaan met de kennelijke strekking om haar de positie van huurder te verschaffen. Daarnaast dient een belangenafweging volgens [gedaagde sub 2] in haar voordeel uit te vallen. Eigen Haard heeft zich echter op de c-grond van deze bepaling beroepen. Zij heeft aangevoerd dat [gedaagde sub 2] geen bescherming toekomt omdat zij niet te goeder trouw was bij het sluiten van de overeenkomst van onderhuur, althans bij de aanvang van de bewoning.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e09dec28e30c2f5bd59900e61e4a4e5109b67c21f544c86b197baba0892fb770. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e09dec28e30c2f5bd59900e61e4a4e5109b67c21f544c86b197baba0892fb770, en de alinea staat in dat document op bytes 38832 tot 40337.