Citaat | Rechtbank Amsterdam 17 oktober 2019

Onder 4.15. Rechtbank Amsterdam 17 oktober 2019

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 17 oktober 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:7705.

Sinds de laatste betaling van [verzoekster] is inmiddels twee jaar en acht maanden verstreken. [verzoekster] heeft genoegzaam aangetoond dat zij op dit moment in een financieel stabiele situatie verkeert. Niet in geschil is dat [verzoekster] directeur‑grootaandeelhouder is van [bedrijf] B.V. dat zich bezighoudt met advisering over douane en btw en dat zij in 2015, 2016 en 2017 een jaarinkomen van respectievelijk EUR 53.534, EUR 66.057 en EUR 72.347 heeft genoten. Weliswaar ontbreekt de jaarrekening van de onderneming en de aangifte inkomstenbelasting over 2018, maar uit de door [verzoekster] overgelegde aanslagen inkomstenbelasting over de jaren 2015 tot en met 2017 komt een voldoende bestendig inkomen van [verzoekster] naar voren. Dat [verzoekster] andere problematische schulden heeft, is onvoldoende gesteld en niet gebleken. Weliswaar heeft ING gewezen op de betalingsregeling die [verzoekster] met de Raad voor de rechtsbijstand heeft getroffen, maar die omstandigheid legt onvoldoende gewicht in de schaal. [verzoekster] heeft tijdens de mondelinge behandeling voldoende toegelicht dat geen sprake is geweest van een tekortschietende betalingsmoraal, maar dat deze schuld door de echtscheiding van haar ex‑partner is ontstaan. Desgevraagd heeft zij verduidelijkt dat zij haar ex-partner in 2011 heeft verlaten, de afwikkeling van de echtscheiding tot 2016 heeft geduurd en dat dit tot hoge advocaatkosten heeft geleid. Zij heeft ter voldoening van die kosten haar spaargeld moeten aanwenden en na uitputting daarvan een lening bij de Raad voor de rechtsbijstand afgesloten om de advocaatkosten te kunnen voldoen. Wat daarvan ook zij, tijdens de mondelinge behandeling heeft [verzoekster] onweersproken gesteld dat zij de betalingsregeling van EUR 200 per maand met de Raad voor rechtsbijstand deugdelijk nakomt en dat zij het openstaande bedrag van EUR 3.100 meteen zal aflossen indien zij een hypothecaire geldlening heeft afgesloten. Tegen de achtergrond van het voorgaande kan ING niet worden gevolgd in haar betoog dat de betalingsproblemen van [verzoekster] niet tot het verleden behoren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8f0bdb08d34e15a02beee1ba8b1ef2c6719823259b196675e6a031686e1a95c9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8f0bdb08d34e15a02beee1ba8b1ef2c6719823259b196675e6a031686e1a95c9, en de alinea staat in dat document op bytes 30220 tot 32360.