Citaat | Rechtbank Amsterdam 11 september 2019

Onder 2.26. Rechtbank Amsterdam 11 september 2019

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 11 september 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:9965.

Eveneens op 1 mei 2019 heeft de rechtbank in de zaken Equilib I en II en SCC I en II vonnis gewezen over – kort gezegd – ‘voor bepaalde data uitgevoerde vluchten’ (ECLI:NL:RBAMS:2019:3394). Het gaat in dat vonnis over de vraag of de rechtbank bevoegd is om in een civiele procedure tussen private partijen vast te stellen dat sprake is van een inbreuk op de Europese mededingingsregels, met name een inbreuk op het verbod van artikel 101 VWEU, en schadevergoeding toe te kennen aan benadeelde partijen wegens inbreuk op dit verbod, voor vluchten die plaatsvonden vóór 1 mei 2004 respectievelijk 19 mei 2005, in de periode dat het overgangsregime van de artikelen 104 en 105 VWEU gold voor deze vluchten (r.o. 4.20). In het vonnis heeft de rechtbank overwogen dat zij voornemens is prejudiciële vragen te stellen aan het HvJ.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b0b45f4c905ed779b4a24c5cb3964b40e550c8a225eda90979ccd0d3e45eb63a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b0b45f4c905ed779b4a24c5cb3964b40e550c8a225eda90979ccd0d3e45eb63a, en de alinea staat in dat document op bytes 47679 tot 48529.