Citaat | Rechtbank Amsterdam 24 maart 2020
Alinea 22 Rechtbank Amsterdam 24 maart 2020
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 24 maart 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:1968.
Gedaagde partij is ook na herhaalde aanmaning in gebreke gebleven met betalingen van een of meer termijnbedragen. Omdat er niets werd betaald heeft eisende partij conform haar toepasselijke algemene voorwaarden het gehele restant verschuldigde geheel en ineens opgeëist. Eisende partij heeft ook na vervroegde opeising van het krediet geen betaling ontvangen. Gedaagde partij is vanaf 21 juni 2019 de bedongen vertragingsrente over het vervroegde opgeëiste kredietsaldo verschuldigd. Deze bedongen vertragingsrente is geen oneerlijk beding in de zin van de richtlijn 93/13 oneerlijke bedingen. Eisende partij heeft haar vordering beperkt tot € 500,00, vermeerderd met de bedongen rente van 9,11% per jaar.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e9c78be0be527b4c028ee8723182cb46ba7c1b27191d79fc4fa1768dc62932b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e9c78be0be527b4c028ee8723182cb46ba7c1b27191d79fc4fa1768dc62932b5, en de alinea staat in dat document op bytes 7436 tot 8159.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e9c78be0be527b4c028ee8723182cb46ba7c1b27191d79fc4fa1768dc62932b5 | shasum -a 256