Citaat | Rechtbank Amsterdam 9 april 2020

Onder 4.2. Rechtbank Amsterdam 9 april 2020

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 9 april 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:2321.

1 april 2016 van kracht is. Met dit beleid heeft verweerder zichzelf genormeerd als het gaat om de vraag in welke gevallen een vergunning kan worden verleend voor alternatief personenvervoer. De gemeente Amsterdam kent ten aanzien van het alternatief personenvervoer een schaars vergunningenstelsel. Er geldt namelijk een vergunningenplafond van 100 te vergunnen voertuigen en er wordt minimaal eens in de drie jaar een vergunningsronde met een zogenaamde vergelijkende toets gehouden. In het derde lid van artikel 2.51 van de APV is bepaald in welke gevallen verweerder de vergunning kan weigeren of intrekken. Dat is als het vervoer;

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/451d46314f4cfc6ce5df1bfea0520942b0a4d3bf17004d57047e614bdb700396. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 451d46314f4cfc6ce5df1bfea0520942b0a4d3bf17004d57047e614bdb700396, en de alinea staat in dat document op bytes 11306 tot 11954.