Citaat | Rechtbank Amsterdam 4 juni 2020
Onder 1.4. Rechtbank Amsterdam 4 juni 2020
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 4 juni 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:2822.
Verweerder heeft [eiseres] vervolgens gemeld voornemens te zijn om haar een boete op te leggen. In het primaire besluit heeft verweerder deze boete opgelegd en met het bestreden besluit is die gehandhaafd. Volgens verweerder is die boete opgelegd omdat [eiseres] – samengevat – zonder vergunning de woning aan [adres] 32-2 aan de woonruimtevoorraad heeft onttrokken. De woning werd ten tijde van het buitendienst onderzoek namelijk verhuurd aan toeristen. Om vergunningsvrij een B&B te exploiteren moet sprake zijn van zowel hoofdbewoning als inschrijving in de brp. [eiseres] voldeed niet aan deze twee voorwaarden, aldus verweerder in het bestreden besluit. Wanneer mag verweerder een boete opleggen ?
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8223fc7915782cf1e7c116b2374bd51ea8cd2ed1bad88e7378f24a47edcf4c61. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8223fc7915782cf1e7c116b2374bd51ea8cd2ed1bad88e7378f24a47edcf4c61, en de alinea staat in dat document op bytes 8390 tot 9176.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8223fc7915782cf1e7c116b2374bd51ea8cd2ed1bad88e7378f24a47edcf4c61 | shasum -a 256