Citaat | Rechtbank Amsterdam 13 oktober 2020
Onder 4.23. Rechtbank Amsterdam 13 oktober 2020
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 13 oktober 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:4966.
Het handelen van Facebook behoeft weliswaar geen toetsing aan artikel 10 lid 2 EVRM (zoals hiervoor onder 4.15 overwogen, is Facebook immers niet de geadresseerde van dat artikel), maar uit deze bepaling kan wel worden afgeleid dat de bescherming van de vrijheid van meningsuiting een beperktere omvang toekomt wanneer daardoor de rechten van anderen en/of de bescherming van de volksgezondheid in het gedrang komen. De Richtlijnen voor de community van Facebook zijn een uitwerking van het fundamentele recht op eigendom van Facebook; zij mag immers zelf de regels stellen die op haar platform van toepassing zijn. Haar eigendomsrechten kunnen dus gelden als legitieme beperking op de vrijheid van meningsuiting van anderen, op de voet van artikel 10 lid 2 EVRM. Met haar COVID-19 beleid geeft Facebook bovendien gehoor aan de oproep van centrale overheden om haar bij te staan in de strijd tegen de verspreiding van onjuiste informatie over COVID-19. Die oproep is gedaan in het belang van de bescherming van de volksgezondheid, hetgeen eveneens als legitieme beperking kan gelden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d464b8ef1fe6003633b09f114decfb8d6894ce7ebc43762f862359efe44eaff0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d464b8ef1fe6003633b09f114decfb8d6894ce7ebc43762f862359efe44eaff0, en de alinea staat in dat document op bytes 43613 tot 44774.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d464b8ef1fe6003633b09f114decfb8d6894ce7ebc43762f862359efe44eaff0 | shasum -a 256