Citaat | Rechtbank Amsterdam 10 november 2020
Onder 9.3. Rechtbank Amsterdam 10 november 2020
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 10 november 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:5465.
15. Ook deze stelling volgt de rechtbank niet. De rechtbank overweegt dat ingevolge artikel 18b, eerste lid van de Wml een bestuurlijke boete alleen opgelegd kan worden aan een werkgever in de zin van artikel 5, eerste lid Wml, namelijk de (rechts)persoon tot wie een werknemer in dienstbetrekking staat. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder terecht geoordeeld dat eiseres aangemerkt kan worden als werkgever in de zin van de Wml. De boete is opgelegd aan de juridisch werkgever, in dit geval eiseres, en niet aan [VoF] . Overigens is het nog maar de vraag of de boete op grond van de overeengekomen algemene voorwaarden voor rekening van de twee natuurlijke personen komt. De financiële draagkracht van de natuurlijke personen is gelet op het voorgaande eveneens niet relevant.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d10be6df852d1ed8a1204cff2f0ac78c331101f6c9b7bbd4d69ab38aab6a80fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d10be6df852d1ed8a1204cff2f0ac78c331101f6c9b7bbd4d69ab38aab6a80fd, en de alinea staat in dat document op bytes 37660 tot 38467.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d10be6df852d1ed8a1204cff2f0ac78c331101f6c9b7bbd4d69ab38aab6a80fd | shasum -a 256