Citaat | Rechtbank Amsterdam 5 februari 2020

Onder 5.15. Rechtbank Amsterdam 5 februari 2020

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 5 februari 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:555.

Op grond van artikel 33, eerste lid, Brussel I bis -Verordening kan een gerecht van een lidstaat een zaak aanhouden als er tussen dezelfde partijen een vordering aanhangig is voor een gerecht van een derde land, die op dezelfde oorzaak berust en hetzelfde onderwerp betreft, als voldaan is aan de volgende drie voorwaarden. De bevoegdheid van het gerecht van de lidstaat vloeit voort uit de woonplaats van de gedaagde of één van de bijzondere bevoegdheidsgronden van Afdeling 2 van deze verordening. Er wordt verwacht dat het gerecht van het derde land een beslissing zal geven die kan worden erkend en, in voorkomend geval, ten uitvoer gelegd in de lidstaat. Het gerecht van de lidstaat is ervan overtuigd dat de aanhouding nodig is voor een goede rechtsbedeling.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4ba61ae3bf96af3ff79308dce7613554bc4b19bb58720e213ac3975662829f17. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4ba61ae3bf96af3ff79308dce7613554bc4b19bb58720e213ac3975662829f17, en de alinea staat in dat document op bytes 56720 tot 57533.