Citaat | Rechtbank Amsterdam 9 december 2020

Onder 4.4. Rechtbank Amsterdam 9 december 2020

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 9 december 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:6122.

Op grond van lid 2 van artikel 3:305a BW is een rechtspersoon als bedoeld in lid 1 niet-ontvankelijk indien hij onvoldoende heeft getracht het gevorderde door het voeren van overleg te bereiken en indien met de rechtsvordering de belangen van de personen ten behoeve van wie de rechtsvordering is ingesteld onvoldoende gewaarborgd zijn. De vraag of de belangen van de personen ten behoeve van wie de rechtsvordering is ingesteld, voldoende gewaarborgd zijn, moet aan de hand van de concrete omstandigheden van het geval worden beantwoord. Die toets moet op grond van de situatie zoals die nu is (‘ex nunc’) plaatsvinden. Daarbij moeten volgens de wetsgeschiedenis (TK 2011-2012, 33 126, nr. 3, p. 12 en 13), in geval van betwisting, twee centrale vragen beantwoord worden:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/625f98f7f7d6490b8ced5f08f2ce3811fb024bd9ae7c319459be83cd42b079fc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 625f98f7f7d6490b8ced5f08f2ce3811fb024bd9ae7c319459be83cd42b079fc, en de alinea staat in dat document op bytes 34697 tot 35486.