Citaat | Rechtbank Amsterdam 2 oktober 2020
Alinea 36 Rechtbank Amsterdam 2 oktober 2020
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 2 oktober 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:7613.
2. [eiser 1] en [eiser 2] vorderen, na wijziging eis, samengevat, dat KLM bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis veroordeeld zal worden tot betaling van: ten aanzien van [eiser 1] primair a. met terugwerkende kracht tot 1 januari 2018, het maandelijks netto loon, dat gelijk is aan het bruto loon; b. het bedrag dat [eiser 1] op grond van de opgelegde en/of nog op te leggen navorderingsaanslagen over de jaren 2012 tot en met 2017 over het door hem ontvangen loon alsnog moet betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente; subsidiair en meer subsidiair c. de door [eiser 1] als gevolg van de opgelegde c.q. op te leggen navorderingsaanslagen inkomstenbelasting 2012 tot en met 2017 geleden schade (subsidiair) dan wel de aan [eiser 1] toekomende schadevergoeding onder de voorwaarde van zich openbarende schade (meer subsidiair), te vermeerderen met de wettelijke rente, eventueel nader op te maken bij staat; d. voor het geval de belastingdienst zich op het standpunt stelt dat over de onder b. en c. gevorderde netto vergoedingen loon/inkomstenbelasting en sociale premies verschuldigd zijn, veroordeling tot het afdragen daarvan; e. vergoeding van de door [eiser 1] gemaakte kosten voor fiscaal verweer ad € 6.532,00 en de buitengerechtelijke kosten ad € 11.250,00; en ten aanzien van [eiser 2] primair f. het bedrag dat aan [eiser 2] op grond van de opgelegde en/of nog op te leggen navorderingsaanslagen over de jaren 2012 tot en met 2016 over het door hem ontvangen loon alsnog moet betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente; subsidiair en meer subsidiair g. de door [eiser 2] als gevolg van de opgelegde c.q. op te leggen navorderingsaanslagen inkomstenbelasting 2012 tot en met 2016 geleden schade (subsidiair) dan wel de aan [eiser 2] toekomende schadevergoeding onder de voorwaarde van zich openbarende schade (meer subsidiair), te vermeerderen met de wettelijke rente, eventueel nader op te maken bij staat; h. voor het geval de belastingdienst zich op het standpunt stelt dat over de onder f. en g. gevorderde netto vergoedingen loon/inkomstenbelasting en sociale premies verschuldigd zijn, veroordeling tot het afdragen daarvan; i. vergoeding van de door [eiser 2] gemaakte kosten voor fiscaal verweer ad € 6.532,00 en de buitengerechtelijke kosten ad € 11.250,00; en ten aanzien van [eiser 1] en [eiser 2] j. de wettelijke rente over de vast te stellen bedragen, met veroordeling van KLM in de kosten van het geding.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c24f7b11f4faa366c18df2e1406eecf083be5c928af3d185a3c9d69506aaf814. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c24f7b11f4faa366c18df2e1406eecf083be5c928af3d185a3c9d69506aaf814, en de alinea staat in dat document op bytes 10159 tot 12848.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c24f7b11f4faa366c18df2e1406eecf083be5c928af3d185a3c9d69506aaf814 | shasum -a 256