Citaat | Rechtbank Amsterdam 2 oktober 2020

Onder 7.4. Rechtbank Amsterdam 2 oktober 2020

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 2 oktober 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:7613.

10. De uiteindelijke schade van [eiser 1] en [eiser 2] zal in een schadestaatprocedure moeten worden begroot. De zaak zal daartoe worden verwezen, zoals hierna in het dictum is omschreven. Het debat over de vraag of het nadeel samenvalt met het bedrag van de onherroepelijke navorderingsaanslagen inkomstenbelasting 2012-2017 voor [eiser 1] en 2012-2016 voor [eiser 2] , met rente, is thans onvoldoende gevoerd. Daarbij dient te worden betrokken dat de aanslagen niet onherroepelijk zijn en de invorderingsprocedure is geschorst in afwachting van een beslissing op het ingediende bezwaar. Daarnaast dient de vanaf 2012 aan de Zwitserse belastingdienst betaalde inkomstenbelasting in beginsel op de schade in mindering te strekken omdat aannemelijk is dat [eiser 1] en [eiser 2] geen dubbele belasting verschuldigd zijn. Dit kan anders zijn indien zij kunnen bewijzen dat zij de Zwitserse belasting niet kunnen terugvorderen c.q. verrekenen. Het bewijsstuk dat zij ter onderbouwing van hun stelling dat zij niets kunnen terugvorderen hebben ingebracht is door KLM betwist en levert vooralsnog onvoldoende bewijs van hun standpunt op.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c24f7b11f4faa366c18df2e1406eecf083be5c928af3d185a3c9d69506aaf814. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c24f7b11f4faa366c18df2e1406eecf083be5c928af3d185a3c9d69506aaf814, en de alinea staat in dat document op bytes 22209 tot 23355.