Citaat | Rechtbank Amsterdam 14 juli 2021

Onder 4.18. Rechtbank Amsterdam 14 juli 2021

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 14 juli 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:5020.

Dit onderdeel van het geschil tussen partijen betreft twee onderscheiden vragen. De eerste vraag is de volgende. [gefailleerde 1] trad op als scheepspoolmanager bij het sluiten van bevrachtingsovereenkomsten met derden/opdrachtgevers. Haar achterman was over het algemeen de vennootschap - die onderdeel uitmaakte van [naam holding] - waarin het schip dat het desbetreffende vervoer zou uitvoeren, was ingebracht. [gefailleerde 1] trad daarbij bijna altijd op als onmiddellijk vertegenwoordiger ( as agent to owners only ) voor die vennootschap. Tevens ontving zij namens die vennootschap de door de derde/opdrachtgever gedane betalingen. Volgens de curator volgt hieruit dat de desbetreffende vorderingen geen onderdeel hebben uitgemaakt van het vermogen van [gefailleerde 1] , zodat zij daarop ook geen rechtsgeldig pandrecht kon vestigen (dagvaarding nrs. 20 en 183 e.v.).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/40a88c2a2c3715dcc10bb3fbf56bb64ac1f7cb38305696551e672172cee19276. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 40a88c2a2c3715dcc10bb3fbf56bb64ac1f7cb38305696551e672172cee19276, en de alinea staat in dat document op bytes 73001 tot 73923.