Citaat | Rechtbank Amsterdam 14 februari 2023

Onder 4.6. Rechtbank Amsterdam 14 februari 2023

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 14 februari 2023, ECLI:NL:RBAMS:2023:749.

[gedaagde] heeft – samengevat weergegeven – het volgende aangevoerd. Vanwege de omvang en complexiteit van de zaak leent de inzagevordering zich niet voor een kort geding. De verdenking van oplichting aan het adres van [naam 4] komt uit de koker van [eiser 1] zelf, die de FIOD bewust op het verkeerde spoor heeft gezet. [eiser 1] heeft bij de FIOD onder meer verzuimd uit te leggen hoe het betalingsverkeer met Iran (door de sancties tegen dit land) noodzakelijkerwijs dient te verlopen, dat voor het doen van betalingen aan Iran alternatieve routes nodig zijn, dat op het eerste oog ongebruikelijke transacties zich dus zeer wel laten verklaren en dat het bedrag van ongeveer 75 miljoen euro wel degelijk is gebruikt voor de verkrijging van licenties en voor de exploitatie van de steengroeven. [eiser 1] beschikt al sinds 25 september 2016 over het bewijs dat de licenties zijn verkregen en heeft dit bewust verzwegen. Dit alles maakt onderdeel uit van een lastercampagne die [eiser 1] is gestart met als doel de reputatie en goede naam van [naam 4] te beschadigen. Het OM heeft de verdenking van oplichting aan het adres van [naam 4] inmiddels laten vallen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8fb3e5cb25514342455e23ed4cddaa4a8c15d0e770486c9aec0b60cc14cb74ef. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8fb3e5cb25514342455e23ed4cddaa4a8c15d0e770486c9aec0b60cc14cb74ef, en de alinea staat in dat document op bytes 34764 tot 35956.