Citaat | Rechtbank Amsterdam 14 februari 2023

Onder 4.13. Rechtbank Amsterdam 14 februari 2023

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 14 februari 2023, ECLI:NL:RBAMS:2023:749.

Tot slot voert [gedaagde] aan dat een belangenafweging in zijn voordeel moet uitvallen. Alle genoemde rechtsbetrekkingen hebben niet veel om het lijf en vormen geen rechtvaardiging voor het bewijsbeslag noch voor inzage in het beslagen materiaal. Van een onrechtmatige daad kan geen sprake zijn, omdat de werkzaamheden van [gedaagde] hebben plaatsgevonden op een contractuele grondslag. Met de rechtsbetrekking die verwijst naar de vordering op [naam 4] tot terugbetaling van de geleende bedragen, komt de aap uit de mouw. [gedaagde] had namelijk al een donkerbruin vermoeden dat het [eiser 1] eigenlijk te doen is om het verzamelen van bewijs in de procedure tegen [naam 4] . Via een civiele exhibitievordering probeert [eiser 1] thans inzage te verkrijgen in documenten die hem in het kader van de strafzaak tegen [naam 4] zijn geweigerd, terwijl [eiser 1] opvallend genoeg tegen [naam 4] geen exhibitievordering heeft ingesteld. Dit vormt tevens een gewichtige reden als bedoeld in artikel 843a lid 4 Rv om de beslagen bescheiden niet aan [eiser 1] af te geven, aldus steeds [gedaagde] .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8fb3e5cb25514342455e23ed4cddaa4a8c15d0e770486c9aec0b60cc14cb74ef. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8fb3e5cb25514342455e23ed4cddaa4a8c15d0e770486c9aec0b60cc14cb74ef, en de alinea staat in dat document op bytes 42395 tot 43498.