Citaat | Rechtbank Amsterdam 11 januari 2024
Alinea 83 Rechtbank Amsterdam 11 januari 2024
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 11 januari 2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:131.
De verhuurder voert aan dat een opslag met een vast (maximum)percentage onder meer redelijk is omdat - samengevat - een nadere differentiatie van de kosten ondoenlijk is. De opslag is ook bedoeld om dekking te bieden voor onverwachte kosten (randnummer 40). Omdat de kostenontwikkeling sterk variabel is kan een vast percentage de huurder meer zekerheid en voorspelbaarheid bieden (randnummer 79). De opslag valt gelet op haar doelstellingen niet goed aan een objectieve maatstaf te koppelen en kan ook nimmer exact de kostenontwikkeling boven de CPI weergeven, aldus - steeds - de verhuurder. Naar aanleiding hiervan wordt overwogen dat uit de jurisprudentie van het HvJ EU volgt dat een beding dat een eenzijdige prijswijziging mogelijk maakt een objectieve maatstaf en een geldige reden voor die wijziging dient te bevatten. Voor wat betreft het toe te passen opslagpercentage ontbreekt een verwijzing naar een door een objectieve derde vast te stellen kostenindex. Het onderhavige huurprijswijzigingsbeding komt er, mede gelet op de toelichting door de verhuurder, op neer dat het uitsluitend van de subjectieve wil van de verhuurder afhangt welke kosten relevant zijn voor het vaststellen van de opslag, hoe de stijging van die kosten wordt berekend en in welke mate die van invloed is op het percentage van de opslag. Van een objectieve grond is daarom geen sprake. Daarnaast is van belang dat - zoals de verhuurder ook heeft opgemerkt - kostenstijgingen sterk variabel kunnen zijn. Een vast percentage zal leiden ook tot een huurverhoging in situaties waarin sprake is van een stijging van de relevante kosten die lager dan wel gelijk is aan het inflatiepercentage, waardoor een redelijke grond voor de opslag ontbreekt. Herhaald zij dat sprake kan zijn van een verstoring van het evenwicht tussen partijen ook al zou deze verstoring zich alleen onder bepaalde omstandigheden kunnen voordoen (HvJ EU 27 januari 2021, ECLI:EU:C:2021:68, Dexia, rov. 53-55, herhaald in HvJ EU 21 september 2023, ECLI:EU:C:2023:692, rov. 51).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/60bafac3f5c7252db312b75ba365d978ebc4342011cf34063852d260e73ec699. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 60bafac3f5c7252db312b75ba365d978ebc4342011cf34063852d260e73ec699, en de alinea staat in dat document op bytes 27015 tot 29071.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/60bafac3f5c7252db312b75ba365d978ebc4342011cf34063852d260e73ec699 | shasum -a 256