Citaat | Rechtbank Amsterdam 24 juni 2024

Onder 5.3.1. Rechtbank Amsterdam 24 juni 2024

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 24 juni 2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:3743.

Uit de vaststellingen van de rechtbank volgt dat in de voorliggende zaak geen onderzoeksresultaten zijn verkregen op grond van aan de bedrijven Ennetcom en PGPSafe opgelegde verwerkingsverplichtingen. De bedrijven Ennetcom en PGPSafe hebben namelijk geen data van gebruikers aan de Nederlandse autoriteiten verstrekt. Het gaat in dit geval om de uitoefening door strafvorderlijke autoriteiten van bevoegdheden waarmee rechtstreeks gegevens in verband met het versleutelde berichtenverkeer zijn verkregen. Bovendien geldt dat Ennetcom en PGPSafe een versleutelde berichtendienst aanboden, waarbij de gebruikers van die diensten in beginsel geen persoonsgegevens kenbaar hoefden te maken en waarbij men alleen met elkaar kon communiceren als men beschikte over een PGP-e-mailadres. Er was dan ook geen sprake van verwerking van persoonsgegevens door Ennetcom en PGPSafe. Om die redenen is richtlijn 2002/58 hier niet van belang. De jurisprudentie van het HvJEU maakt dit niet anders, nu deze jurisprudentie ziet op een door nationale overheden opgestelde nationale regeling en het in de onderhavige zaak gaat om door buitenlandse autoriteiten uitgevoerd strafrechtelijk onderzoek. De arresten van het HvJEU zien dus op een andere situatie dan de onderhavige.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bef75da2e9d4166f8080f74aa4ce6cd7a84ae84e2abca6d234404026aa251d32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bef75da2e9d4166f8080f74aa4ce6cd7a84ae84e2abca6d234404026aa251d32, en de alinea staat in dat document op bytes 31924 tot 33194.