Citaat | Rechtbank Amsterdam 2 februari 2024

Onder 4.4.2. Rechtbank Amsterdam 2 februari 2024

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 2 februari 2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:511.

De rechtbank is van oordeel dat tevens kan worden bewezen dat verdachte opzet heeft gehad op het doden van [slachtoffer] en overweegt daartoe als volgt. Verdachte heeft [slachtoffer] minstens 30 keer gestoken met een scherprandig voorwerp, zoals een mes, in met name het hoofd en de hals. Het hoofd en de hals zijn plekken waar zich slagaders en andere vitale onderdelen van het menselijk lichaam bevinden en naar algemene ervaringsegels geldt dat het op deze plekken steken met een mes of een vergelijkbaar scherp voorwerp een aanmerkelijke kans in het leven roept dat dit lijdt tot de dood. Gelet op het aantal steken (meer dan 30), de plaatsen waar deze zijn toebracht (hoofd en hals), en de diepte van de (fatale) steek in de halsslagader (7 centimeter) , is dit handelen van verdachte naar de uiterlijke verschijningsvorm zozeer gericht op een dodelijke afloop dat het niet anders kan zijn dan dat verdachte daartoe ook het opzet heeft gehad.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3c9979e9cfef86691ce7e7fb9ef99a6fc1117fd0edeaa3a43c4d5a04af6dc7bc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3c9979e9cfef86691ce7e7fb9ef99a6fc1117fd0edeaa3a43c4d5a04af6dc7bc, en de alinea staat in dat document op bytes 38389 tot 39412.