Citaat | Rechtbank Amsterdam 19 maart 2025

Onder 2.5. Rechtbank Amsterdam 19 maart 2025

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 19 maart 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:3155.

Artikel 1018c lid 5 Rv bepaalt, voor zover hier van belang, dat inhoudelijke behandeling van de collectieve vordering slechts plaatsvindt indien en nadat de rechter heeft beslist: (a) dat eiser voldoet aan de ontvankelijkheidseisen van artikel 3:305a BW, (b) dat de eiser voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het voeren van de collectieve actie efficiënter en effectiever is dan het instellen van een individuele vordering en (c) dat niet summierlijk van de ondeugdelijkheid van de collectieve vordering blijkt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa4b2f380404a8daed6ea5ff958a77da32f459a8d1c730fe333a36d9d2114780. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa4b2f380404a8daed6ea5ff958a77da32f459a8d1c730fe333a36d9d2114780, en de alinea staat in dat document op bytes 50065 tot 50593.