Citaat | Rechtbank Amsterdam 21 oktober 2025
Onder 4.20. Rechtbank Amsterdam 21 oktober 2025
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 21 oktober 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:7703.
Gelet op het voorgaande komt de kantonrechter tot de slotsom dat de tussen partijen gesloten overeenkomsten kenmerken hebben van zowel een arbeidsovereenkomst als een overeenkomst van opdracht. Alles afwegende komt de kantonrechter tot het oordeel dat de overeenkomsten niet kunnen worden aangemerkt als een arbeidsovereenkomst. Hierbij wordt met name waarde gehecht aan het feit dat sprake is van een gelijkwaardige relatie waarbij [verzoeker] grotendeels zelfstandig een volledig variabele omzet maakt. De op deze wijze ontvangen vergoeding is significant hoger dan hij als loon zou kunnen ontvangen. Verder bepaalt hij zelf hoeveel uren en omzet hij maakt en heeft hij een ruime bewegingsvrijheid om zijn werkzaamheden geheel zelfstandig te verrichten. Het rechtsvermoeden van artikel 7:610a BW is dus weerlegd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f092f7582b73f34852ea409d565e4cf7ed16ff9b90d1c626279bf696a86b54b2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f092f7582b73f34852ea409d565e4cf7ed16ff9b90d1c626279bf696a86b54b2, en de alinea staat in dat document op bytes 28415 tot 29243.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f092f7582b73f34852ea409d565e4cf7ed16ff9b90d1c626279bf696a86b54b2 | shasum -a 256