Citaat | Rechtbank Amsterdam 13 november 2025

Onder 1.3. Rechtbank Amsterdam 13 november 2025

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 13 november 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:8788.

Naar aanleiding van een door huurders op 26 november 2024 ingediend verzoek om op grond van art 7:249 BW de redelijkheid van de overeengekomen aanvangshuurprijs te toetsen, heeft de huurcommissie bij uitspraak, die aan partijen is verzonden op 24 februari 2025, geoordeeld dat partijen een all-inprijs zijn overeengekomen. Om die reden is de huurcommissie tot splitsing overgaan en heeft de huurprijs per 4 april 2023 ambtshalve vastgesteld op een bedrag van € 1.031,28 (55% van € 1.875,00) en de servicekosten op een bedrag van € 468,75 (25% van € 1.875,00). Voorts heeft de huurcommissie de woonruimte gewaardeerd op 155 punten, waarbij een maximale huurprijs van € 821,24 per maand geldt. Omdat dit laatste bedrag hoger ligt dan de in 2023 geldende liberalisatiegrens van € 808,06, is de huurcommissie tot de conclusie gekomen dat er sprake is van geliberaliseerde huur en wordt de overeengekomen huurprijs van € 1.875,00 als gevolg daarvan toch redelijk geacht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5a249ecda164c2724ee588aca4ddc4d6a64fe0860f6f3aecd4b0f8d3bc8db117. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5a249ecda164c2724ee588aca4ddc4d6a64fe0860f6f3aecd4b0f8d3bc8db117, en de alinea staat in dat document op bytes 7985 tot 8992.