Citaat | Rechtbank Amsterdam 1 juli 2026

Onder 3.3.4 Rechtbank Amsterdam 1 juli 2026

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 1 juli 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:6647.

In de informatievoorziening over de FGS van [bedrijf 3] wordt telkens gesproken over ‘de mijn in Tanzania ’, maar duidelijkheid over welke mijn het betreft, is uitgebleven. Meermaals wordt gerefereerd aan een mijn aangeduid als ‘ [naam goudmijn 1] ’ in Zuid- Tanzania . In het lijstje met mijngebieden dat [medeverdachte 1] in zijn tweede FIOD-verweer heeft opgesteld, is ‘ [naam goudmijn 1] ’ de enige mijn die in Zuid- Tanzania is gelegen. Uit het dossier volgt dat [naam goudmijn 2] een mijn in Zuid- Tanzania is. Deze mijn wordt in de reisverslagen op de websites van de resellers genoemd als de mijn waar de bezoeken van onder andere kopers hebben plaatsgevonden. [medeverdachte 1] heeft als CEO van [bedrijf 9 (Hong Kong)] Ltd uit Hong Kong (hierna: [bedrijf 9 (Hong Kong)] ) in een affidavit (verklaring bij een Amerikaanse notaris in het kader van een Canadese arbitrageprocedure) verklaard over de overname van een mijnbouwvergunning in Tanzania , die bekend stond als het “ [naam goudmijn 2] -project”. Ook in de ontbindingsovereenkomst tussen [bedrijf 9] , [bedrijf 3] en [bedrijf 2] spreekt men over de

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff97cb4c2d6ab027a39e76abddb63541bd67ee7dfb6cfb553d7aa907d7a6a524. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff97cb4c2d6ab027a39e76abddb63541bd67ee7dfb6cfb553d7aa907d7a6a524, en de alinea staat in dat document op bytes 50546 tot 51952.