Citaat | Rechtbank Amsterdam 15 juli 2026
Onder 4.16. Rechtbank Amsterdam 15 juli 2026
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 15 juli 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:7298.
Tijdens hetzelfde getuigenverhoor op 31 oktober 2013 heeft [naam 2] , [functie 2] bij ABN AMRO, onder meer het volgende verklaard: “ Ik ken mevrouw [naam 1] omdat ik in de periode 2001 tot en met 2008 werkzaam was op de afdeling preferred banking bij ABN AMRO. Zij was klant van die afdeling. Uit hoofde van mijn functie behandelde ik de opdrachten die vanuit de familie [naam 1] werden gegeven. Vaak werden die opdrachten gegeven door haar zoon [eiser] . ”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0ffdbf3a8621ce26bce5e135f94b31fd83879dc4b70807dea1e68feb8402eee2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0ffdbf3a8621ce26bce5e135f94b31fd83879dc4b70807dea1e68feb8402eee2, en de alinea staat in dat document op bytes 29949 tot 30456.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0ffdbf3a8621ce26bce5e135f94b31fd83879dc4b70807dea1e68feb8402eee2 | shasum -a 256