Citaat | Rechtbank Arnhem 20 augustus 2003

Alinea 83 Rechtbank Arnhem 20 augustus 2003

Een alinea uit Rechtbank Arnhem 20 augustus 2003, ECLI:NL:RBARN:2003:AL2040.

5. Ambtshalve wordt met betrekking tot de procespartijen in deze procedure het volgende overwogen. Gebleken is dat de op 24 juli 2002 gedagvaarde Y reeds op 11 februari 2002 is overleden. Dagvaarding van een overledene moet in beginsel tot niet-ontvankelijkheid leiden; eiser dient in die situatie de gezamenlijke erfgenamen in rechte te betrekken. In deze procedure zijn de gezamenlijke erfgenamen van Y (hierna: de erven Y) niet gedagvaard maar vrijwillig verschenen. Zij hebben bij antwoord laten weten zich er niet tegen te verzetten indien de zaak wordt beschouwd als jegens hen aangevangen. Gelet hierop zal de rechtbank, uit een oogpunt van proceseconomie, de onderhavige zaak beschouwen als tegen de erven Y aangevangen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2b4f7dc7b2b3c0c9a8a26dc7cdb2eef9e1b0aaa664de5de1072f4e6a701b202a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2b4f7dc7b2b3c0c9a8a26dc7cdb2eef9e1b0aaa664de5de1072f4e6a701b202a, en de alinea staat in dat document op bytes 19623 tot 20364.