Citaat | Rechtbank Arnhem 9 februari 2011

Alinea 433 Rechtbank Arnhem 9 februari 2011

Een alinea uit Rechtbank Arnhem 9 februari 2011, ECLI:NL:RBARN:2011:BP3749.

Nadat verdachte door de politie de camerabeelden zijn getoond, waarop te zien is dat hij zich op 30 april om 00.45 uur en om 07.47 in de portiersloge van de parkeergarage bevindt, heeft verdachte zich beroepen op zijn zwijgrecht. Ook ter terechtzitting van 26 januari 2011 heeft verdachte zich, op de vraag van de rechtbank of hij degene was die in de portiersloge te zien was, beroepen op zijn zwijgrecht. Gelet hierop oordeelt de rechtbank dat verdachte omtrent waar hij was in de nacht van 29 op 30 april 2009 en op de ochtend van 30 april 2009 bij de politie een leugenachtige verklaring afgelegd waarbij hij een vals spoor heeft willen creëren richting [slachtoffer4].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d79adf071ca4ef99f511c4d3e9f819a5402836e6049cbed53ffd6e3abc7cf6f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d79adf071ca4ef99f511c4d3e9f819a5402836e6049cbed53ffd6e3abc7cf6f8, en de alinea staat in dat document op bytes 73161 tot 73849.