Citaat | Rechtbank Arnhem 22 maart 2011

Alinea 22 Rechtbank Arnhem 22 maart 2011

Een alinea uit Rechtbank Arnhem 22 maart 2011, ECLI:NL:RBARN:2011:BP8580.

2.6 Ter zitting heeft verweerder aangegeven dat de FIOD een onderzoek heeft ingesteld naar de betrouwbaarheid van de tipgever, zodat verweerder de aan hem verstrekte informatie ten aanzien van verzoeker voldoende vond om de navorderingsaanslagen alsmede de vergrijpboetes van 100% op te baseren. Daarbij heeft verweerder aangegeven over informatie te beschikken waaruit blijkt dat in gevallen als deze ongeveer 85% van de aangeschrevenen bekent zwartspaarder te zijn, hetgeen voor verweerder mede aanleiding is om te vertrouwen op de aan hem gegeven informatie over verzoeker. Hieruit moet naar het oordeel van de voorzieningenrechter worden geconcludeerd dat er informatie bestaat over de (betrouwbaarheid van de) tipgever en de overeenkomst die met de tipgever is gesloten. Die informatie is relevant voor de onderhavige zaken en is door verweerder niet aan verzoeker ter beschikking gesteld. Verweerder heeft gesteld dat hij niet over die stukken beschikt en dus niet ter beschikking heeft kunnen stellen aan verzoeker. Dat vormt naar het oordeel van de voorzieningenrechter evenwel geen reden om die informatie aan verzoeker te onthouden. De informatie heeft betrekking op de zaak en het is de wettelijke plicht van verweerder om verzoeker die informatie te verschaffen. Verweerder heeft in dit verband ook nagelaten concrete feiten of omstandigheden te stellen die gewichtige redenen vormen om de bedoelde informatie al dan niet gedeeltelijk geheim te houden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/48899321530f0da71944c9b155d92ada0bce0c5bf7bf21d759aaf018309f8336. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 48899321530f0da71944c9b155d92ada0bce0c5bf7bf21d759aaf018309f8336, en de alinea staat in dat document op bytes 11278 tot 12758.