Citaat | Rechtbank Arnhem 14 december 2011

Alinea 74 Rechtbank Arnhem 14 december 2011

Een alinea uit Rechtbank Arnhem 14 december 2011, ECLI:NL:RBARN:2011:BV0508.

2.27. Het volgende onderwerp, waaromtrent partijen zich dienden uit te laten, betreft de kosten van het PwC-onderzoek. Hierop zag rechtsoverweging 4.31 van het tussenvonnis van 29 december 2010. Le Roux heeft in haar akte na tussenvonnis gesteld dat het onderzoek wel kostbaar was, maar dat dit noodzakelijk was om de malversaties boven water te krijgen, mede omdat Hyka, althans aanvankelijk, geen openheid van zaken gaf, zulks (mede) met een beroep op de vertrouwelijkheid van de gegevens van haar afnemers. Ten behoeve van geheimhouding, objectiviteit en deskundigheid heeft Le Roux vervolgens PwC ingeschakeld. De kosten zijn wel hoog, maar volgens Le Roux in de gegeven omstandigheden niet onredelijk, mede gelet op feit dat Hyka, gecontroleerd door [ged.1] en W. en [ged.4], valse OTS’en heeft verstuurd en niet, tijdens het diepgravend onderzoek door PwC, alsnog heeft toegegeven dat te lage verkoopopbrengsten waren weergegeven en teveel importheffingen in rekening waren gebracht. Le Roux wijst er op dat zelfs nog een kort geding nodig is geweest om de medewerking van Hyka te verkrijgen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/84c71febad77851786c704dfaaa7f95b82b61b61cf6a2636f615cd5c33ed3856. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 84c71febad77851786c704dfaaa7f95b82b61b61cf6a2636f615cd5c33ed3856, en de alinea staat in dat document op bytes 27505 tot 28618.