Citaat | Rechtbank Arnhem 14 december 2011
Alinea 76 Rechtbank Arnhem 14 december 2011
Een alinea uit Rechtbank Arnhem 14 december 2011, ECLI:NL:RBARN:2011:BV0508.
2.29. De rechtbank is te dien aanzien van oordeel dat het niet aangaat om de opdracht van PwC te bagatelliseren. Mede gelet op alle verweren en tegenwerpingen, die eerst door Hyka en nu door [gedaagden] in verschillende rechtszaken zijn aangevoerd tegen het onderzoek van PwC, welke verweren en tegenwerpingen uiteindelijk vrijwel alle blijken te falen, heeft Le Roux achteraf bezien goede redenen gehad om een gerenommeerd accountantsbureau, dat marktconforme prijzen hanteert, in te schakelen en door dit bureau een uitgebreid en gedegen onderzoek te laten doen, zodat zij goed beslagen ten ijs kon komen. Vooropgesteld dat het in deze zaak gaat om de ontmaskering van langdurige en stelselmatige fraude, kunnen de kosten van dit onderzoek niet buitenproportioneel genoemd worden en kunnen zij volledig ten laste worden gebracht van de fraudeurs.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/84c71febad77851786c704dfaaa7f95b82b61b61cf6a2636f615cd5c33ed3856. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 84c71febad77851786c704dfaaa7f95b82b61b61cf6a2636f615cd5c33ed3856, en de alinea staat in dat document op bytes 28934 tot 29795.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/84c71febad77851786c704dfaaa7f95b82b61b61cf6a2636f615cd5c33ed3856 | shasum -a 256