Citaat | Rechtbank Arnhem 21 december 2011
Alinea 90 Rechtbank Arnhem 21 december 2011
Een alinea uit Rechtbank Arnhem 21 december 2011, ECLI:NL:RBARN:2011:BV3673.
4.11. [gedaagde in conventie] beroept zich er ter onderbouwing van zijn vordering op dat de [eiser in conventie]/[erfgenaam van betrokken erfgenaam] kort na het overlijden van [betrokken erfgename], namelijk vanaf 1 juli 2008, de beletage van de woning aan [X] heeft verhuurd en de huurpenningen van de huurders heeft geïncasseerd op een bankrekening die op zijn naam stond. Volgens [gedaagde in conventie] hebben de [eiser in conventie]/[erfgenaam van betrokken erfgenaam] die huurpenningen ook verbruikt. Daarmee is sprake van een zuivere aanvaarding door middel van gedragingen, zo stelt [gedaagde in conventie]. De [eiser in conventie] hebben aangevoerd dat geen sprake is van zuivere aanvaarding, doch van daden van beheer.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d158a8eefa4c23c5ee49b5cf3c17b64c2a33e381e308695a2be368a3ee847584. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d158a8eefa4c23c5ee49b5cf3c17b64c2a33e381e308695a2be368a3ee847584, en de alinea staat in dat document op bytes 33166 tot 33909.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d158a8eefa4c23c5ee49b5cf3c17b64c2a33e381e308695a2be368a3ee847584 | shasum -a 256