Citaat | Rechtbank Arnhem 18 januari 2012

Alinea 32 Rechtbank Arnhem 18 januari 2012

Een alinea uit Rechtbank Arnhem 18 januari 2012, ECLI:NL:RBARN:2012:BV1576.

In de onderhavige zaak is veroordeelde op 12 mei 2011 een schriftelijke waarschuwing toegestuurd. Of veroordeelde die schriftelijke waarschuwing heeft ontvangen is onduidelijk. Medio mei, zo blijkt uit het door het Leger des Heils opgemaakte rapport, is nog getracht contact met veroordeelde te krijgen zonder het gewenste resultaat. Vervolgens wordt op 29 november 2011, ruim 6 maanden later, een vordering herroeping voorwaardelijke invrijheidstelling ingediend. De raadkamer is van oordeel dat onder deze omstandigheden niet gesproken kan worden van een “onverwijlde” indiening van de vordering, hetgeen inhoudt dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk is in de vordering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e75df91ffcb0422fdbdf82179213073946601bfceb4b20b7b40fa55da4c45488. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e75df91ffcb0422fdbdf82179213073946601bfceb4b20b7b40fa55da4c45488, en de alinea staat in dat document op bytes 9733 tot 10430.