Citaat | Rechtbank Arnhem 31 januari 2012
Alinea 22 Rechtbank Arnhem 31 januari 2012
Een alinea uit Rechtbank Arnhem 31 januari 2012, ECLI:NL:RBARN:2012:BV6443.
De rechtbank begrijpt de stelling van eisers, dat het bezwaar niet kennelijk ongegrond is, zo dat zij vinden dat zij ten onrechte niet gehoord zijn in de bezwaarfase. Deze grond slaagt. Volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) dient tot het achterwege laten van een hoorzitting op grond van artikel 7:3 van de Awb met grote terughoudendheid te worden besloten. Van horen kan slechts worden afgezien als in redelijkheid geen twijfel mogelijk is dat het bezwaar ongegrond is. (zie bijvoorbeeld: ABRvS 2 februari 2011, LJN: BP2780). Gelet op de uitvoerige motivering van eisers in bezwaar dat het besluit in strijd is met diverse verdragsbepalingen is de rechtbank van oordeel dat niet gezegd kan worden dat er redelijkerwijs geen twijfel kon bestaan over de ongegrondheid van het bezwaar.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9ea3e1a802ad55e495586ccded87bc19debc25aaeb1a4ad648e6fe679730654e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9ea3e1a802ad55e495586ccded87bc19debc25aaeb1a4ad648e6fe679730654e, en de alinea staat in dat document op bytes 7244 tot 8097.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9ea3e1a802ad55e495586ccded87bc19debc25aaeb1a4ad648e6fe679730654e | shasum -a 256