Citaat | Rechtbank Arnhem 15 februari 2012

Alinea 31 Rechtbank Arnhem 15 februari 2012

Een alinea uit Rechtbank Arnhem 15 februari 2012, ECLI:NL:RBARN:2012:BV7076.

2.4. [gedaagde] heeft in de tussenliggende jaren talloze malen beschikt over de bankrekening van de [betrokkene]. Na het overlijden van de [betrokkene] heeft de dochter van [gedaagde] bij schrijven van 28 september 2008 aan de tot executeur benoemde broer van [eiseres] de giro-afschrifen toegestuurd van de rekening van de [betrokkene] en gemeld dat [gedaagde] een spaarpotje voor onvoorziene omstandigheden had gemaakt voor een bedrag van € 8.255,00 en daarnaast € 7.000,00 had geleend aan een gezamenlijke kennis van haar en de [betrokkene]. De som van deze bedragen ad € 15.255,00 heeft [gedaagde] omstreeks diezelfde datum teruggestort op de bankrekening van de [betrokkene].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/35183dfc2ce555580d65d52cc55ac78b370639dfa1725d7f4a2bdcb960801001. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 35183dfc2ce555580d65d52cc55ac78b370639dfa1725d7f4a2bdcb960801001, en de alinea staat in dat document op bytes 7107 tot 7807.